Actueel

Fysio nieuws

Nieuws

Ven2-4Cancer

Iedereen kent wel iemand in zijn omgeving, die te maken heeft met kanker...
Dit jaar wil ik mij inzetten om geld in te zamelen en een sportieve prestatie te leveren voor de zieke medemens, die eigenlijk iedere dag een topprestatie moet leveren
Veel mensen hebben wel eens gehoord van de Alpe d'Huzes.
In België houden ze een soortgelijke actie, maar iets bescheidener: Ven2-4Cancer.
De uitdaging is er niet minder om...
...we gaan er voor.
Voor kankerpatienten is opgeven ook geen optie!
zie: http://ven2-4cancer.com/
Ventoux
Naast deze sportieve prestatie wil ik geld inzamelen voor kankerpatiënten. Iedere euro die er wordt ingezameld komt ten goede aan kankeronderzoek, waar we uiteindelijk allemaal van profiteren
 

Voedingsadviezen bij risicofactoren

Voedingsadviezen bij risicofactoren voor hart- en vaatziekten

 

wokpan

 

Wat zijn risicofactoren voor hart- en vaatziekten?

Risicofactoren voor hart- en vaatziekten zijn eigenschappen of gewoontes die maken dat u een verhoogde kans heeft om hart- en vaatziekten te krijgen. Voorbeelden van hart- en vaatziekten zijn vernauwing van de slagaderen (aderverkalking), angina pectoris (pijn op de borst), nierbeschadiging, een hartinfarct of een beroerte.

De belangrijkste risicofactoren voor het ontstaan van hart- en vaatziekten zijn:

 

  • een hart- en vaatziekte hebben (gehad),
  • diabetes mellitus (suikerziekte),
  • reumatoïde artritis,
  • verminderde werking van de nieren,
  • hoge bloeddruk,
  • een verhoogd cholesterolgehalte,
  • een vader, moeder, broer of zus die vóór de leeftijd van 65 jaar een hart- of vaatziekte heeft gekregen,
  • roken, (de grootste risicofactor)
  • stress,
  • te weinig lichaamsbeweging,
  • overmatig alcoholgebruik,
  • ongezonde voeding,
  • overgewicht.

Het risico op hart- vaatziekten neemt toe met de leeftijd en is voor mannen groter dan voor vrouwen. Iemand van Hindoestaaanse afkomst heeft een grotere kans op hart- en vaatziekten. Sommige factoren geven meer risico dan andere; samen versterken ze elkaar.

Als u al een hart- en vaatziekte heeft (gehad), dan heeft u een verhoogde kans om (opnieuw) problemen aan hart en vaten te krijgen zoals angina pectoris, een hartinfarct of een beroerte. Ook kunnen uw nieren hierdoor beschadigen.

Adviezen om uw risico op hart- en vaatziekten te verlagen

U kunt zelf veel doen om uw risico op hart- en vaatziekten verlagen:

 

  • eet gezond;
  • rook niet;
  • zorg dat u minstens vijf dagen per week een halfuur actief beweegt door bijvoorbeeld te fietsen, stevig te wandelen of te tuinieren;
  • beperk het gebruik van alcohol tot maximaal twee glazen per dag;
  • zorg voor een gezond gewicht.

Waarom gezonde voeding?

Gezonde voeding helpt om uw risico op hart- en vaatziekten te verlagen. Gezonde voeding vermindert de kans op andere risicofactoren voor hart- en vaatziekten zoals diabetes mellitus, een te hoog cholesterolgehalte, overgewicht en hoge bloeddruk.

Hoe eet u gezond?

Voor gezond eten gelden de volgende adviezen:

Eet gevarieerd

Een gevarieerde voeding levert alle voedingsstoffen die u nodig heeft.De basis voor een gevarieerde voeding voor volwassenen bestaat dagelijks uit:

 

  • brood: 4-7 sneetjes;
  • aardappelen, rijst, pasta, bonen, erwten of couscous: 3-5 opscheplepels;
  • groente, rauwkost: 4 groentelepels;
  • fruit: 2 vruchten;
  • zuivel: 400-500 ml magere melkproducten en 1 plak magere kaas (30+ en 20+kaas);
  • mager vlees, vis, kip, kalkoen, ei of plantaardige vleesvervangers zoals tempé, tahoe of sojaproducten: 100-120 gram (vleeswaar voor op de boterham inbegrepen);
  • halvarine dieetmargarine, olie of vloeibare bak- en braadproducten: 20-35 gram (15 gram = 1 eetlepel);
  • drinken: 1,5 liter (8 tot 12 glazen, melkdranken inbegrepen).

Extra vitaminepillen zijn hierbij niet nodig.

Eet niet te veel

Voor een gezond gewicht is het belangrijk om niet te veel te eten en voldoende te bewegen. Drie maaltijden per dag vormen een goede basis om alle voedingsstoffen binnen te krijgen. Als u zich houdt aan de basisadviezen voor gezonde voeding, hoeft u alleen bij tussendoortjes te letten op de calorieën. Geschikte caloriearme tussendoortjes zijn een biscuitje, rijstwafel, een handje popcorn of een paar zoute stokjes, stukjes rauwkost en bouillon. Kies vaker voor dranken zonder calorieën zoals koffie en thee zonder melk en suiker, (mineraal)water en light-frisdranken.

Tussendoortjes als gebak, chocola, chips, snacks, frisdrank, sap en alcohol zijn calorierijk. Neem deze alleen bij uitzondering en in kleine hoeveelheden, bijvoorbeeld één chocolaatje, een plakje ontbijtkoek, een speculaasje of een handje wokkels. Een of twee glaasjes alcohol op een dag kunnen geen kwaad, maar drink bij voorkeur niet elke dag.

Bent u te zwaar, dan is het goed te weten dat 5 tot 10 procent daling in uw gewicht al een flinke gezondheidswinst oplevert. Maar eet niet te weinig, want dan bent u sneller geneigd om toe te geven aan de ‘lekkere trek’ en kunt u weer te veel of ongezond gaan eten.

Eet minder verzadigd vet

Verzadigd vet vergroot de kans op hart- en vaatziekten. Eet daarom minder verzadigd vet en kies in plaats daarvan voor onverzadigd vet. Verzadigd vet zit in (volle) zuivelproducten en ‘verborgen’ in koekjes, gebak, chocola en snacks. Vaak staat op de verpakking van een product vermeld wat voor vetten er in zitten. Gebruik (dieet)margarine voor op uw brood, en olie of vloeibare bak- en braadproducten voor het koken.

Kies voor magere melkproducten, mager vlees (kip, kalkoen, rosbief, achterham, rookvlees) en vis. Vette vissoorten (zoals zalm, haring, heilbot, sprot en makreel) bevatten vetzuren die juist goed zijn voor uw hart en bloedvaten. Eet daarom bij voorkeur twee keer per week (vette) vis.

Eet veel groente, fruit en brood

Van deze producten kunt u veel eten: er zitten weinig calorieën in, maar wel veel voedingsstoffen. Bovendien geven ze een ‘vol’ gevoel, zodat u minder snel te veel eet. Groente en fruit verminderen onder andere het risico op hart- en vaatziekten en sommige vormen van kanker. Varieer zoveel mogelijk in groente en fruit en neem liever volkorenbrood dan witbrood.

Wees zuinig met zout

Voeg geen zout toe aan het eten. Alle voedingsmiddelen bevatten van nature al een beetje zout. Gebruik eventueel kruiden, uien, knoflook of citroen in plaats van zout. Vermijd kant- en klaar maaltijden, -soepen, -sauzen en -kruidenmix: deze bevatten meestal veel zout.

 

Motivatie en leefstijl

Motivatie essentieel voor leefstijlverandering patiënt

MAASTRICHT - Het ondersteunen van leefstijlverandering bij chronisch zieke patiënten staat in
toenemende mate in de belangstelling.
Motivatie van patiënten voor deze verandering is hierbij essentieel en vormt daarom
een belangrijk aandachtspunt in de zorg.

Professionals raken meer en meer geïnteresseerd om Motivational Interviewing (MI,
een van de toepasbare technieken daarbij) daartoe in te zetten en gezien de
verwachting dat de toepassing ervan bijdraagt aan leefstijlverandering worden
professionals in de zorg getraind in MI.

man_bij_arts

De inhoud en duur van deze trainingen varieert echter sterk.

Een door het Maastricht UMC+ verricht onderzoek, waarvan de resultaten zijn gepubliceerd in het
wetenschappelijk tijdschrift Patient Education and Counseling, laat zien dat alleen voldoende investering in training,
ondersteuning na afloop van de training en het meten van de toepassing van MI, voorwaarden zijn voor een
geslaagde implementatie.
Motivational Interviewing is een sturende, persoonsgerichte gespreksstijl, bedoeld om verandering van gedrag te
bevorderen. De zorgverlener ondersteunt de patiënt in het helpen verhelderen en oplossen van tegenstrijdige
gevoelens ten opzichte van verandering.
Het onderzoek van het Maastricht UMC+ richtte zich op de implementatie van MI in een zorgprogramma voor
mensen met diabetes mellitus. Diabetes (suikerziekte) is wereldwijd volksziekte nummer één aan het worden. In
Nederland zijn er naar schatting nu ca. 1 miljoen mensen met diabetes. Per jaar komen daar ruim 70.000 mensen
bij (NDF).

Het onderzoek laat zien dat professionals de basisvaardigheden en de grondhouding van MI snel leren na een
intensieve training. Tevens blijkt echter dat langdurige ondersteuning na afloop van een training door middel van
supervisie en feedback wenselijk is om het gebruik van specifieke vaardigheden te onderhouden.
Bovendien blijven voor de blijvende toepassing van MI randvoorwaarden, zoals voldoende voorbereidingstijd voor
consulten en geschikte rapportagesystemen, van belang zijn.